Nijlgans

nijlgansAantal en verspreiding
In Nederland neemt zowel het aantal broedparen als het aantal niet broedvogels sterk toe (minimaal verdubbeling per 15 jaar). In Groningen was er sinds 1990 een sterke toename van broedvogels, over de laatste 10 jaar is de trend onzeker. De niet-broedende nijlganzen zijn vermoedelijk niet toegenomen.

Schade
De bij het Faunafonds geregistreerde landbouwschade door de nijlgans bedraagt in de winter tot € 3.200,- en in de zomer tot € 450,-. De beschadigde oppervlakte loopt in de winter op tot 100 ha en in de zomer tot 70 ha. De bekende landbouwschade treedt vooral op in grasland en in mindere mate in wintergraan. Vermoed wordt dat deze gegevens slechts het topje van de ijsberg vormen, omdat bij het Faunafonds landbouwschade door exoten niet geregistreerd wordt, tenzij de nijlgans zich in menggroepen met beschermde inheemse soorten bevindt. Derhalve moet voor belangrijke landbouwschade in de toekomst worden gevreesd. Nijlganzen veroorzaken schade aan de inheemse fauna. Ze kunnen in de broedtijd zeer territoriaal zijn, waarbij ze andere vogels veelvuldig verjagen en soms hun kuikens verdrinken. De soort bouwt zelf geen nest, maar neemt broedplaatsen en nesten over van inheemse soorten. Nederland heeft zich verbonden aan het biodiversiteitsverdrag waarin is vastgelegd dat ongewenste ‘invasieve’ exoten actief beheerd zullen worden om de inheemse flora en fauna te beschermen.

Beleid
De nijlgans is geen beschermde inheemse diersoort, maar een exoot. Het is volgens de Flora- en faunawet niet toegestaan om exoten te bestrijden met het geweer. Bejaging van de nijlgans als ‘exoot’ is alleen mogelijk op grond van een aanwijzing ex artikel 67 van de Ffw. GS kunnen op grond van artikel 67 een aanwijzing geven om de stand van de nijlgans te beperken ter voorkoming van belangrijke landbouwschade of ter voorkoming van schade aan flora en fauna. De onderbouwing daarvoor is lastig, omdat schade door exoten niet wordt geregistreerd.
Onderdeel van het Groninger Ganzenakkoord is het planmatig wegnemen van populaties exoten en gedomesticeerde ganzen. Dit wordt nader uitgewerkt door het GAK en moet verankerd worden in de Wet natuurbescherming.

Beheer
Ten gevolge van de bovengeschetste problemen bij het beleid heeft de afgelopen jaren geen beheer van de nijlgans kunnen plaatsvinden.

Overwegingen
Sinds 1990 is er een sterke toename van broedvogels is in Groningen. De laatste tien jaar zijn de broedvogels en niet-broedende nijlganzen vermoedelijk niet toegenomen. Nijlganzen veroorzaken faunaschade en belangrijke landbouwschade.

Actuele maatregelen: klik hier.