Knobbelzwaan

Knobbelzwaan (Cygnus olor)

Knobbelzwaan (Cygnus olor)

Aantal en verspreiding
Landelijk nemen de aantallen de laatste tien jaar niet meer toe. In Groningen is er ten opzichte van 1990 een matige toename van broedvogels, over de laatste 10 jaar kan geen goede uitspraak gedaan worden. De niet-broedende knobbelzwanen zijn vermoedelijk niet toegenomen.

Schade
De getaxeerde schade was met bijna € 14.000 het hoogst in 2008. Sindsdien is er sprake van een dalende trend, mogelijk in samenhang met relatief lage aantallen zwanen. Over het nog niet afgesloten jaar 2013 loopt de schade weer op. Beschadigde oppervlakte is gedaald van 230 ha naar circa 80 ha. De schade treedt vooral op in blijvend grasland, koolzaad en wintergraan. Deze schade kan zich overal in provincie voordoen waar schadegevoelige gewassen worden geteeld.

Beleid
De provincie Groningen heeft de knobbelzwaan vrijgesteld voor verontrusting. De provincie heeft in december 2012 het beleid veranderd, waarbij de ontheffing voor het verjagen van knobbelzwanen met ondersteunend afschot is ingetrokken.

Beheer
Gebruik van het vogelafweerpistool als preventieve maatregel wordt sinds 2006/2007 gestimuleerd. Het verjaging ondersteunend afschot was sinds de ontheffing van 2010 met 30 tot 60 stuks zeer beperkt in relatie tot het aantal zwanen en daarom niet in strijd met de gunstige staat van instandhouding. Het effect van het recentelijk intrekken van de ontheffing voor afschot is nog onbekend, maar het toepassen van uitsluitend preventieve maatregelen wordt onvoldoende geacht. Legselbeperking wordt door de zwanenverjagers beperkt toegepast (tot circa 30 behandelde eieren). Meer voorlichting dat dit is toegestaan, is wenselijk.

Overwegingen
De provincie heeft haar beleid recentelijk gewijzigd, waarbij de ontheffing voor verjaging ondersteunend afschot is ingetrokken. Een eventuele ontheffing waarbij opnieuw gevraagd wordt om verjaging ondersteunend afschot moet daarom zeer goed gemotiveerd worden.